Gezocht: hulpverlener die 24/7 beschikbaar is voor risicojongeren, buiten de kaders denkt én zich strikt aan alle protocollen houdt. Eh?

Omgang professionals onder elkaar

‘Eén van de eerste bevindingen in het onderzoek van Tommie is dat risicojongeren pas worden geholpen als ze volledig ontsporen. Bij een jongetje uit de villawijk is het minder zorgelijk als hij een spiegel van een auto trapt, dan een kind uit een risicowijk die twintig euro van een crimineel aanneemt om patat te halen. Als jongerenwerker zie je daar al heel vroeg een proces gaande.

Dat ene patatje is het begin van een negatieve spiraal. Het baart je enorme zorgen, maar je kunt er nergens mee terecht. Ik hoop dat Tommie’s onderzoek ertoe leidt dat we ook naar de omgang van professionals onder elkaar kijken.’ Bejegening van risicojongeren én van professionals. Het is Jan Dirks specialisme en hij dist moeiteloos het ene na het andere verhaal uit de praktijk op.

In de praktijk

‘Ik zal je vertellen over een jongen die we voor het gemak even Richard noemen. Het is zaterdagnacht. Richard had al om 22.00 uur binnen moeten zijn. Maar pas om 02.00 uur hoort de woonbegeleider de voordeur. Hij spreekt hem er direct op aan. Op een manier die Richard niet bevalt. Hij flipt totaal. Scheldwoorden vliegen door de lucht, een pak vla ontploft op de grond. Op het verzoek om de vla op te ruimen, komt alleen maar minachting. “Jij wordt toch betaald om hier schoon te maken? Hier heb je 20 euro.” Het briefje dwarrelt in de vla.

Een collega wordt thuis uit zijn bed gebeld om de situatie op te lossen. Middenin de nacht klopt hij aan bij Richards kamer. Hij krijgt hem wel zover dat hij de vla opruimt. Tot zo ver gaat het puur om bejegening.’ vertelt Jan Dirk. ‘Maar nu komt er een heel spannend stukje. Deze begeleider die zo goed reageerde, kent heel veel jonge mensen op straat. En wat doet deze slimmerd? Hij neemt een paar dagen na dit incident een jongen uit Richards oude buurt mee. Net op een moment dat Richard thuis is. Laten we hem Wesley noemen. En deze Wesley heeft nogal een reputatie. Richard komt naar beneden en schrikt als hij Wesley ziet. Wesley geeft hem een boks en zegt: “Ik ken jou”. Tegen de begeleider zegt Wesley: “Hoort ie bij jou? Doet ie het een beetje goed?” “Heel goed” beaamt de begeleider. Al is dat natuurlijk niet helemaal het geval. Vlak voordat Wesley weggaat, zegt ie nog tegen Richard: “Hey, wel naar je begeleider luisteren, he!”

Gewoon normaal. In twee woorden is dat de conclusie van Jan Dirk de Jong in zijn onderzoek naar de gewenste bejegening van risicojeugd. Maar als je hem spreekt, ontdek je al snel dat het allemaal niet zo ‘gewoon’ is. Een verhaal over twee onderzoeken die naadloos in elkaar overlopen. Het ene is afgerond. Het andere – door promovendus Tommie Lambregts – is net begonnen en duurt zeker nog drie jaar. Het levert Jan Dirk nu al talloze ideeën op over verdiepingsonderzoeken.

“Jij wordt toch betaald om hier schoon te maken? Hier heb je 20 euro.” Het briefje dwarrelt in de vla.

Project Bejegening Risicojongeren
Twee onderzoeken

Onderzoek: Gewoon normaal | Onderzoek naar de bejegening van risicojongeren door hulpverleners.

Wie
Jan Dirk de Jong
Lector LVB en Risicovolgedrag

Status onderzoek        
Afgerond

Onderzoek: Buiten bereik. Bejegening van risicojeugd binnen een integrale aanpak

Wie
Tommie Lambregts
PhD-kandidaat VUmc

Status onderzoek
Opgestart in 2021 

Wat maakt een professional dan echt en oprecht in het contact met een risicojongere?

Protocollen volgen

Waar mijn onderzoek naar bejegening eindigt, begint hier het onderzoek van Tommie. Want dit roept natuurlijk interessante vragen op. Is dit nog een verantwoord politiek spel of is het pure intimidatie? Kun je als leidinggevende verwachten, ja zelfs in een arbeidscontract vastleggen, dat je team ook in het weekend én ’s nachts uit hun bed moet komen? En dat je jouw privénummer geeft aan een risicojongere voor noodgevallen? Sommige professionals doen dit van nature. Maar anderen zijn bang dat er van hun privéleven niets meer overblijft. Hoe kan een professional echt en oprecht zijn in het contact met jongeren – wat noodzakelijk is, zoals blijkt uit mijn onderzoek – en tegelijkertijd nauwkeurig allemaal protocollen volgen? En hoe ga je dit allemaal inregelen in de organisatie? En dan zijn we er nog niet. Er blijkt uit het onderzoek van Tommie nóg een cruciale factor om invloed te krijgen op risicojongeren.

De keten

Stel je voor dat het je als professional met ontzettend veel moeite is gelukt om goed contact te krijgen met zo’n jongere. Je hebt je verdiept in zijn gemeenschap. Je hebt met zijn vader gepraat. Hij voelt zich serieus genomen. En je hebt hem zover gekregen dat hij zich laat helpen. Meestal heeft zo’n jongere meerdere problemen. Schulden bijvoorbeeld. Dus verwijs je hem door naar Schuldhulpverlening. Waarop je korte tijd later een reactie krijgt: “Wtf stuur je me daar nou naartoe! Wat weten zij dan?!” En niet alleen jouw jongere heeft een slechte ervaring, ergens in de keten, maar zijn vrienden ook. En een andere kennis ook. In één klap is het imago van hulpverlening weer om zeep geholpen.

Interessante vraagstukken

Dus we zitten hier met tal van nog onopgeloste, interessante vraagstukken. Wat maakt een professional dan echt en oprecht in het contact met een risicojongere? Welke dingen zijn persoonsgebonden en welke zijn algemeen? Wat is ‘normaal doen’ in de beleving van risicojongeren? Hoe kun je vervolgens waarnemen of dat oprechte contact er ook echt is? En stel dat je dit als organisatie allemaal voor elkaar krijgt: je krijgt je personeel hierin mee en je weet het ook nog te formaliseren. Hoe pak je dit vervolgens integraal met de hele keten op? En in die gecompliceerdheid ligt natuurlijk ook het lonkend perspectief. Want stel je eens voor wat een enorme winst dit voor de maatschappij op zou leveren als het wél lukt. Of in ieder geval voor een deel.’ Wordt vervolgd dus.

Binnen de onderzoekslijn "Bevorderen normale ontwikkeling"

Bevorderen normale ontwikkeling

door het beïnvloeden van interne en externe veranderingen die schadelijke verstoringen tot gevolg kunnen hebben. Deze benadering richt zich op het wegnemen van oorzaken.

Gezocht: hulpverlener die 24/7 beschikbaar is voor risicojongeren, buiten de kaders denkt én zich strikt aan alle protocollen houdt. Eh?

Gewoon normaal. In twee woorden is dat de conclusie van Jan Dirk de Jong in zijn onderzoek naar de gewenste bejegening van risicojeugd. Maar als je hem spreekt, ontdek je al snel dat het allemaal niet zo ‘gewoon’ is.

Als je de vraag niet begrijpt, hoe kun je ’m dan beantwoorden? Omgaan met cliënten met een LVB in het strafrecht.

Ja, ze staan helaas in veel lijstjes in de top 3. Deze cliënten hebben een hogere kans op bijvoorbeeld recidive, middelenproblematiek, het maken van schulden of beïnvloeding door anderen.

Bevorderen normale ontwikkeling