Als je de vraag niet begrijpt, hoe kun je ’m dan beantwoorden? Omgaan met cliënten met een LVB in het strafrecht.

Lastig te herkennen

“Ja, ze staan helaas in veel lijstjes in de top 3. Deze cliënten hebben een hogere kans op bijvoorbeeld recidive, middelenproblematiek, het maken van schulden of beïnvloeding door anderen. Of om zelf slachtoffer te worden van criminaliteit.” Coki Janssen, projectleider bij SVG Verslavingsreclassering GGZ: “Het is voor professionals in het strafrecht soms lastig om een cliënt met een LVB te herkennen. Die cliënt doet vaak al zijn of haar hele leven moeite om die beperking te maskeren. Als je het wel van je cliënt weet, was er ook weinig kennis hoe je er dan het beste mee om kunt gaan. En dat terwijl het percentage mensen met een LVB in de strafrechtketen flink is vertegenwoordigd. En dan wordt zo iemand dus weleens hetzelfde behandeld als iemand zonder LVB. In de gevangenis en ook bij de reclassering.”

Kaders, richtlijnen en afspraken

“Het is de verantwoordelijkheid en taak van de reclassering om ervoor te zorgen dat cliënten met een LVB begrijpen wat we van ze verwachten én wat de rechter heeft opgelegd. De juridische taal binnen de strafrechtketen is vaak ingewikkeld. Deze taal begrijpelijk maken voor onze cliënten met een LVB draagt bij aan recidivevermindering. Daarom ontwikkelden we samen met de strafrechtketen van alles om cliënten met een LVB beter te kunnen helpen. Folders, tools voor werkers, filmpjes, apps, trainingen, e-modules. Een instrumentarium voor scholing én methodische tools voor de communicatie met de cliënten. Wat we nog niet hadden? Kaders, richtlijnen en afspraken.” vertelt Coki. “Die vrijblijvendheid zorgde ervoor dat enkel een handvol fanatieke medewerkers de middelen gebruikte. Sommige reclasseringswerkers hadden meer nodig dan alleen scholing. Een gedegen implementatie- en borgingsplan ontbrak. Hiermee bereikten we dus ons doel niet. Er kwam daarom een implementatieplan waarbij alle middelen, tools, instrumenten en scholing juist werden ingezet. Samen met de Hogeschool Leiden ontwikkelden we beleidskaders en richtlijnen voor het reclasseren van cliënten met een LVB.”

Wat wil je vooral níet als je vier bent en net op de basisschool zit? Opvallen in de klas. En toch is dat precies wat je doet als je de opdrachten van je juf of meester niet goed begrijpt. Je gaat knippen, terwijl je moest prikken. En je bent steeds de laatste in de rij. Maar kleuters met een lichtverstandelijke beperking (LVB) passen zich razendsnel aan. Klinkt goed? Toch niet. Ze ontwikkelen namelijk overlevingsmechanismen: gewenst gedrag waarmee ze hun beperkingen verbloemen. En dat kan jaren later vervelende gevolgen hebben.

De drie reclasseringsorganisaties geven de komende jaren veel aandacht aan het werken met cliënten met een LVB. 

Voor medewerkers schreven we een handreiking vol do’s en dont’s.

Hendrien Kaal, lector LVB en risicovol gedrag, vertelt over de eindproducten.

Een handreiking voor medewerkers
“Voor medewerkers schreven we een handreiking vol do’s en dont's. We beantwoorden daarin de belangrijkste vragen. Waarom is aandacht voor LVB zo belangrijk? Wat doe je nadat je de scholing gevolgd hebt? Hoe, wanneer en waarom gebruik je de SCIL? Hoe pak je de communicatie met iemand met een LVB aan? Maar ook informatie over verdiepingsdiagnostiek, basistools en de risicospiegel.”

Een verslag voor management en beleid
“En we maakten een document voor de organisatie. Over de verdere implementatie en inzet van al die tools. Waar moet je rekening mee houden en waar let je op? We diepen discussiepunten uit en lichten bepaalde keuzes toe.” Door het opdoen en vastleggen van ervaringen, helpen we bij het formuleren van beleidsinstructies.

Onderzoek vol monitoren, vastleggen, evalueren en aanpassen

Alleen scholing van reclasseringswerkers en medewerkers Werkstraffen was niet genoeg. Er was ook een implementatie- en borgingstraject nodig. Hogeschool Leiden deed onderzoek binnen een proeftuin met twee teams van Stichting Verslavingsreclassering GGZ en het Leger des Heils. Medewerkers uit die twee teams werden geschoold en ze leerden om alle instrumenten en tools in te zetten. Er is gemonitord, vastgelegd, geëvalueerd en soms wat aangepast. Dat zorgde uiteindelijk voor een beproefde en onderbouwde werkwijze. Coki: “Als corona niet had bestaan, dan hadden we nog veel meer kunnen ophalen. We hadden dan meer cliënten face to face, fysiek op kantoor gesproken. Onze tools zijn vooral fysiek bruikbaar. Sommige gesprekken gingen niet door. Cliënten hadden coronaklachten, zaten in quarantaine, moesten zich laten testen en spraken ons vooral via videobellen. Gelukkig zagen we veel cliënten nog wél fysiek. We hebben uiteindelijk gewoon wat langer onderzoek gedaan.”

Reclasseringsmedewerkers draaien hun hand niet om voor een mooie open vraag. Voor cliënten met een LVB voegen zij daar nu andere gesprekstechnieken en beeldtaal aan toe.

Medewerkers bij de reclassering zijn vaak sterren in het inzetten van gesprekstechnieken. Moeilijke vragen stellen, verdieping zoeken, informatie boven tafel krijgen: hun corebusiness. Appeltje, eitje. Voor cliënten met een LVB is meer nodig. Die cliënt is niet sterk in het beantwoorden van dit soort verdiepende vragen. Daarvoor moet iemand cognitief sterk zijn en goed kunnen denken. Coki: “We vroegen van medewerkers om dat waar ze goed in zijn te ondersteunen met beeldtaal. Hierdoor werd de vraag begrijpelijk en inzichtelijk voor cliënten met een LVB.”

Een praktisch voorbeeld

Van | “Welke zaken in uw leven zorgen ervoor dat u recidiveert?”

Naar | Een risicospiegel met afbeeldingen neerleggen. Plaatjes van alcohol, drugs, geld, een huis, delicten. Samen met de cliënt verbind je deze oorzaken, gevolgen en verbanden aan elkaar.

“Als ik geen dak boven mijn hoofd heb ga ik drinken. En als ik veel drink word ik agressief. Als ik agressief ben, is de kans groot ik iemand in elkaar sla.”

Meer bewustwording over omgaan met cliënten met een LVB onder medewerkers van de reclassering moet zorgen voor betere interventies die uiteindelijk bijdragen aan recidivevermindering.

Uit je comfortzone stappen, zorgde voor handelingsverlegenheid bij sommige  reclasseringsmedewerkers. “Wij moesten medewerkers helpen bij het echt toepassen in de praktijk. En er dan met elkaar over praten. Het resultaat van het onderzoek: de handreiking moet het gat tussen theorie en toepassing in de praktijk kleiner maken en draagt bij aan het verkleinen van de  handelingsverlegenheid.”

Coki kijkt verwachtingsvol naar de toekomst. “Je hoopt natuurlijk dat cliënten en reclasseringswerkers elkaar beter begrijpen. Daardoor til je het contact en de begeleiding naar een hoger niveau. De cliënt krijgt andere uitleg en voelt zich begrepen. Zo hoop je dat het ook makkelijker voor ze is om zich aan de afspraken te houden. Hierdoor verkleinen we de kans op recidive bij deze cliënten en zorgen we voor een veiligere leefomgeving voor de cliënt én de rest van ons land.”

Meer informatie via Proeftuin implementatie lvb tools 3RO

Binnen de onderzoekslijn "Bevorderen normale ontwikkeling"

Bevorderen normale ontwikkeling

door het beïnvloeden van interne en externe veranderingen die schadelijke verstoringen tot gevolg kunnen hebben. Deze benadering richt zich op het wegnemen van oorzaken.

Gezocht: hulpverlener die 24/7 beschikbaar is voor risicojongeren, buiten de kaders denkt én zich strikt aan alle protocollen houdt. Eh?

Gewoon normaal. In twee woorden is dat de conclusie van Jan Dirk de Jong in zijn onderzoek naar de gewenste bejegening van risicojeugd. Maar als je hem spreekt, ontdek je al snel dat het allemaal niet zo ‘gewoon’ is.

Als je de vraag niet begrijpt, hoe kun je ’m dan beantwoorden? Omgaan met cliënten met een LVB in het strafrecht.

Ja, ze staan helaas in veel lijstjes in de top 3. Deze cliënten hebben een hogere kans op bijvoorbeeld recidive, middelenproblematiek, het maken van schulden of beïnvloeding door anderen.

Bevorderen normale ontwikkeling